Kampbeulen Anna-Lisa &José

Veel mensen vragen zich af hoe iemand zulke gruwelijke dingen kan doen. Daar zijn veel onderzoeken naar gedaan. Een daarvan is het onderzoek van Stanley Milgram in 1963.

Stanley Milgram

Aan het onderzoek deden gewone mensen mee, werklozen, huisvrouwen, zakenmannen, studenten. Ze werden uitgenodigd in een anoniem gebouw waar ze de proefleider en een ander proefpersoon ontmoetten. Dat deze andere proefpersoon een acteur en dus handlanger van de onderzoeker was, wisten ze niet. De proefpersonen werd verteld dat ze meededen aan een onderzoek naar het effect van straf op het leerproces. Ze moesten daarom in de rol van leraar kruipen en woordparen oplezen aan de proefpersoon/acteur, die de rol van student vervulde. De student moest de woordparen goed onthouden, want als hij die later niet goed op kon noemen werd hij gestraft met een elektrische schok. De elektrische schokken werden bij elk fout antwoord 15 volt krachtiger, beginnende bij 15 volt. Voor het toedienen had Milgram een ingewikkeld uitziend apparaat in de kamer geplaatst.

Nadat de student-acteur was vastgebonden op een stoel behangen met elektrodes, nam de leraar-proefpersoon plaats achter het elektroshock apparaat. Tussen de acteur in de ene kamer en de proefpersoon en proefleider in de andere kamer was geen visueel contact: het contact ging via microfoons en luidsprekers. Dit was nodig, omdat de acteur natuurlijk niet echt elektroshocks toegediend kreeg, hij speelde alleen de effecten ervan.

Proefpersoon wordt vastgemaakt.

Er waren geen proefpersonen die weigerden deel te nemen aan het onderzoek omdat ze geen elektroshocks wilden toedienen aan iemand anders. Naarmate de elektroshocks zwaarder werden (zeer gevaarlijk volgens het apparaat), nam het ongemak bij de leraar-proefpersonen toe: ze hoorden gescheeuw en gekreun uit de andere kamer komen. Als ze zich vragend tot de proefleider in de kamer wendden vertelde deze dat het echt geen kwaad kon en dat hij alle verantwoordelijkheid op zich nam. Dus gingen de proefpersonen door, zelfs toen het gescheeuw luider en luider werd, en zelfs toen het bij de hoogste voltages stil bleef. Ze bleven zelfs shocks van 450 volt toedienen omdat de student-acteur niet meer antwoordde. Ook al stond op het apparaat een onheilspellende aanduiding: 'XXX'.

Schok apparaat van Milgram. Rechts kun je in het rood de 'XXX' zien staan.

Ongeveer 65% van de proefpersonen was bereid om onder druk van de proefleider dodelijke shocks toe te brengen aan -wat zij dachten- een andere proefpersoon. Niemand stopte voordat een voltage van 300 was bereikt. Na het onderzoek gaven de proefpersonen aan dat zij er niets aan hadden kunnen doen: de proefleider had hen gedwongen door te gaan.

De opstelling tijdens het experiment van Milgram. In de bovenste kamer zie je twee mensen: de proefleider (E) en de leraar-proefpersoon (T). In de onderste kamer zit de student-acteur (L)

Wij trekken hieruit de conclusie dat veel mensen anderen pijn zullen doen, als ze denken dat het ergens goed voor is. Kampbeulen vonden dat de gevangenen minderwaardig waren dan mensen en zagen hen als tijdverdrijf.

Kampbeulen zijn niet alleen mannen, maar ook vrouwen. Een voorbeeld hiervan is Irma Grese. Dit is een erg wrede vrouw. Als ze er zin in had sloeg op schopte ze gevangenen dood. Zonder een echte reden.

Voorbeelden van wat sommige Kampbeulen deden

Johanna Altvater

Geboren: in 1920

Overleden: niet kunnen vinden

Johanna Altvater was een secretaresse die werkte in een gemeente op de grens tussen Polen en Oekraïne, twee derde van de bevolking was daar Joods. Altvater stond bij andere nazi's bekend als 'een manwijf'. Twee jaar na haar aankomst bleef van de Joodse bevolking geen vijf procent over.

In haar boek “Hitler’s Furiën” beschrijft professor Wendy Löwer hoe Altvater haar baas vergezelde op bezoekjes aan het getto en naar twee Joodse kinderen liep, een kind van zes en een peuter. Ze gebaarde naar hen alsof ze van plan was hen iets te geven.

Toen de peuter naar haar toekwam nam ze het kind vast en hield het zo stevig in haar armen dat het begon te schreeuwen en los probeerde te komen. Altvater nam het kind bij de benen vast, hield het ondersteboven en sloeg zijn hoofd tegen de muur alsof ze een kleedje uitsloeg. Daarna gooide ze het levenloze kind voor de voeten van zijn vader.

Slachtoffers hebben getuigd hoe Altvater in het getto kleine kinderen uit het raam van het hospitaal naar beneden op straat gooide. Andere keren lokte ze kinderen naar haar toe, onder het voorwendsel dat ze snoep zouden krijgen. Wanneer de kinderen hun mond openden schoot ze hen met een klein zilverkleurig pistool in de mond.

Ewa Paradies

Geboren: 17 december 1920

Opgehangen: 4 juli 1964

Liet een groep vrouwelijke gevangenen zich uitkleden in de sneeuw en goot ijskoud water over hen heen. Als ze probeerden weg te komen, sloeg ze hen.

Dorothea Binz

Geboren: 16 maart 1920

Opgehangen: 2 mei 1947

Zag vrouwelijke gevangenen schoppen, afranselen of neerschieten als dagelijks tijdverdrijf. Heeft ooit een gevangene doodgeslagen met een bijl, omdat hij niet hard genoeg werkte.

Greta Bösel

Geboren: 9 mei 1908

Opgehangen: 3 mei 1947

Opgeleid tot verpleegster, maar vond dit blijkbaar leuker. Ze deed gaskamer selecties. "Als ze niet kunnen werken, laat ze rotten."

Alice Orlowski

Geboren: 30 september 1903

Overleed: 21 mei 1976

Wrede en sadistische vrouw. Creatief in het bedenken van nieuwe foltermethodes als met een zweep op de ogen slaan. Als vrachtwagens die naar de gaskamers gingen vol waren gooide ze er nog een paar kinderen bovenop, zodat de wagens echt helemaal vol waren.

Hermine Braunsteiger

Geboren: 16 juli 1919

Overleed aan de gevolgen van diabetes: 19 april 1999

Sloeg of schopte gevangenen dood. Vluchtte naar New York, maar werd alsnog gepak en veroordeeld tot levenslang.

Juana Bormann

Geboren: 10 september 1893

Opgehangen: 13 december 1945

Sluit zich in 1939 aan bij de SS "om meer geld te verdienen." Laat haar patrouillehonden regelmatig los op gevangenen.

Maria Mandel

Geboren: 10 januari 1912

Opgehangen: 24 januari 1948

Rechtstreeks verantwoordelijk voor 0,5 miljoen doden in Auschwitz. Wacht bij de poort en vermoord zelf direct de mensen die omkeken naar haar. Hield Joden als huisdier en als ze ze niet meer hoefde gingen ze naar de gaskamers. Vindt het geen probleem om kinderen naar de gaskamers te sturen. Probeert te vluchten, maar werd gepakt.

Josef Mengele

Geboren: 16 maart 1911

Overleden aan een beroerte: 7 februari 1979

Jeugd

Zijn vader had een bedrijf in landbouwmachines. Zijn moeder kwam uit een welvarende familie. Josef had twee jongere broers. Het gezin was katholiek en Duits-nationalistisch. In zijn jeugd is waarschijnlijk de basis gelegd voor zijn latere nationaalsocialistische opvattingen.

Opleiding

Josef ging naar een conservatief Duits gymnasium. In 1930 ging hij in München geneeskunde en medische antropologie studeren. Daarna studeerde hij ook in Bonn en Wenen. Hij was erg geïnteresseerd in antropologie en in de leer van de raszuiverheid. Hij haalde verschillende universitaire titels.

Mengele en Hitler

De leer van de raszuiverheid kreeg een grote impuls door het opkomen van het nationaalsocialisme in Duitsland. Hitler vond dat het Arische ras beter was dan alle andere rassen. Dit leidde ertoe dat Mengele de kans kreeg zijn ideeën over rassen in de praktijk te brengen.

De rassenwetten van Neurenberg (1935) moesten ervoor zorgen dat het Arische ras zuiver bleef. Daarom bepaalden deze wetten dat seksueel contact tussen Joden en Ariërs verboden was. De Ariërs die deze regel overtraden maakten zich schuldig aan rassenschande. Zij konden in een concentratiekamp terechtkomen. Joden die deze wet overtraden werden ter dood veroordeeld. Mengele hield zich bezig met de aanklachten tegen Joodse mannen die een relatie onderhielden met een Arische vrouw. Door middel van stamboomonderzoek en onderzoek naar uiterlijke kenmerken als hoofd, vorm van de schedel, neus en oren stelde hij vast of de aangeklaagde persoon van Joodse afkomst was. Zijn leermeester Von Verschuer had goede contacten bij de SS. Mengele sloot zich in 1938 bij de SS aan.

Arts in Auschwitz

In 1940 werd Mengele opgeroepen voor de Wehrmacht. Hij werd als bataljonarts naar het front in Polen gestuurd. Al snel ging hij zich bezig houden met rassenkwesties. In 1942 raakte hij ernstig gewond. Hij was niet meer geschikt om aan het front te dienen en werd naar Berlijn gestuurd. Al snel kreeg hij een functie in Auschwitz. Mengele werd hier verantwoordelijk voor het selecteren van mensen voor de gaskamers. Hij had geen leidinggevende functie maar was een van de ongeveer dertig artsen binnen het kamp. Behalve als verantwoordelijke voor de selectie van nieuw aangekomen gevangenen werd Mengele arts voor de zigeunerafdeling van Birkenau. Dit was de plek waar hij met zijn medische experimenten op gevangenen begon.

Zelfs als hij geen dienst had, ging Mengele naar het selectieterrein als er een nieuwe trein aankwam in Auschwitz. Hij was erg geïnteresseerd in de aankomst van tweelingen en mensen met een afwijking. Deze mensen gebruikte hij voor zijn medische experimenten. Deze experimenten waren erg gruwelijk. Hij experimenteerde met het onvruchtbaar maken van vrouwen, amputeerde onnodig ledematen, verwijderde zonder noodzaak organen, meestal zonder verdoving, en hij spoot gif in de ogen van zijn slachtoffers om te onderzoeken of hij ze blauwe ogen kon geven om de kenmerken van het Arische ras na te maken. Eens heeft hij geprobeerd een Siamese tweeling te creëren door een tweeling aan elkaar te naaien. Hij injecteerde gezonde mensen met virussen. Het aantal en de variatie van de door Mengele gepleegde misdaden is gruwelijk groot.

Zo wilde Josef een Siamese tweeling maken.

Von Verschuer, de man waar Mengele voor zijn tijd als arts voor de SS voor werkte, stelde Mengele in de gelegenheid om onderzoek te doen naar alles waarin hij zich interesseerde. Voorwaarde was dat de resultaten ter beschikking werden gesteld van het Kaiser Wilhelm Institut in Berlijn. Mengele zond daarom veel menselijk materiaal dat hij bij zijn experimenten verzamelde naar Berlijn.

Mengele is overleden aan een beroerte in 1979

Ilse Koch

Geboren: 22 september 1906

Zichzelf opgehangen: 1 september 1967

School

Ilse ging weinig naar school, maar ze had wel basiskennis boekhouden. Op haar 15de werkte ze in een sigaretten fabriek in Dresden als typiste.

Ilse en de NSDAP

De standpunten van Hitler trokken haar aan. In april 1932 voegde ze zich bij de NSDAP. Zelfs haar eigen vader was verbaasd dat ze zich bij de politiek voegde. Maar zoals Ilse het zelf verwoordde: 'Je moet nu eenmaal met je tijd meegaan'. Ze ging aan de slag als secetaresse bij de nazi-partij. Dit werk vond ze blijkbaar te saai en in 1935 trok ze naar concentratiekamp Sachsenhausen waar ze zowel als opzichtster als secetaresse werkte.

In 1935 ontmoette ze Karl in concentratiekamp Sachsenhausen en in 1936 trouwde Ilse met Karl Koch.

Ilse en haar wreedheden

Ilse's favoriete bezigheid was een tochtje op haar bruine merrie door het kamp en onderweg gevangenen met de zweep afranselen . Ze genoot overduidelijk van haar macht. Wanneer ze maar kon bespotte en treiterde ze de gevangenen.

Ilse was ook berucht om het verzamelen van stukken huid van vermoorde gevangenen met daarop opvallende tatoeages. Na de bervrijding vonden de geallieerden ook lampenkappen gemaakt van menselijke huid in haar verzameling kleinigheden evenals twee 'gekrompen hoofden', al bleken de laatste twee later uit een museum te komen. Later is wel ontkend dat de lampen van mensenhuid gemaakt waren, het zou geitenleer zijn.

Na de oorlog

Na de oorlog werd Ilse Koch door een rechtbank voor oorlogsmisdaden veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf. Later werd dat veranderd in een straf van 4 jaar wegens onvoldoende bewijs. Toen ze in 1951 vrijkwam werd ze meteen weer opgepakt en door de Duitse rechtbank opnieuw tot levenslang veroordeeld. In een gevangenis in Aichach pleegde ze op 1 september 1967 uiteindelijk zelfmoord door verhanging.

Irma Grese

Geboren: 7 oktober 1923

Overleden: 13 december 1945

Irma Grese was een van de vijf kinderen van Alfred en Berta Grese. De familie Grese woonde op een boerderij in Wrechen in Mecklenburg. In 1936 pleegde Irma's moeder zelfmoord.

In 1938, op veertienjarige leeftijd, verliet Grese de lagere school vanwege pesterijen en slechte prestaties, en meldde zich aan bij de Reichsarbeitsdienst (RAD), een werkorganisatie voor jongens en meisjes. In het verplichte Landjahr werkte ze eerst een half jaar op een boerderij dichtbij Wrechen en daarna een half jaar in dienst van een winkel in Lychen.

Na het Landjahr ging Grese als hulpverpleegster aan de slag bij het sanatorium in Hohenlychen. Ze deed dit werk twee jaar lang, met als doel om verpleegster te worden. In de daaropvolgende jaren probeerde ze om een stageplaats te bemachtigen, maar zonder succes. In 1942 werd ze overgeplaatst naar een zuivelfabriek in Fürstenberg, vlakbij het concentratiekamp Ravensbrück.

Grese kwam na een incident in het nationaalsocialistische herstellingsoord Hohenlychen, waar vanaf 1942 experimenten op vrouwen uit Ravensbrück werden uitgevoerd. Hier groeide ze op tot jongvolwassene.

Ravensbrück

Grese meldde zich aan als Helferin bij de SS, en werd in de nazomer van 1942 toegelaten tot de opleiding voor kampbewaaksters in Ravensbrück. In Ravensbrück, een speciaal kamp voor vrouwelijke gevangenen, werden ook vrouwelijke SS'ers opgeleid tot Aufseherinnen. De vrouwen volgden cursussen. Tijdens de cursussen werd onder andere geleerd hoe men moest straffen en sabotage moest opsporen. Na voltooiing van de cursus was je officieel een Aufseherin.

Irma Grese volgde deze cursus met succes. Nadat Grese de opleiding had afgerond werd ze eerst ingezet als toezichthoudster van verschillende werkgroepen die buiten het kamp arbeid moesten verrichten.

Tijdens de arbeidsperiode in Ravensbrück bezocht Irma Grese vaak haar familie in Wrechen. Ze kreeg ruzie met haar vader, die het onaanvaardbaar vond dat zijn dochter kampbewaakster was. Uiteindelijk verbraken de twee hun relatie.

Auschwitz

In maart 1943 werd ze overgeplaatst naar Auschwitz-Birkenau. Eerst werd ze ingezet als bewaakster en telefoniste. In de loop van het jaar kreeg ze andere taken. Eind 1943 had ze de rang van Oberaufseherin bereikt, de op één na hoogste positie die een vrouw in een concentratiekamp kan bereiken. Irma was vaak aanwezig bij medische experimenten die de SS-artsen op gevangenen uitvoerden.

Op 18 januari 1945, toen Auschwitz werd ontruimd, begeleidde ze een gevangenentransport naar Ravensbrück, waar ze korte tijd werkte.

Bergen-Belsen

Begin maart werd ook Ravensbrück ontruimd en vertrok Grese met vrouwelijke gevangenen naar Bergen-Belsen. In dit kamp kreeg ze de rang van Kommandoführerin, maar eigenlijk deed ze het werk van een gewone Aufseherin. In Bergen-Belsen deed ze nog dik anderhalve maand dienst. De omstandigheden in Bergen-Belsen waren zeer slecht, dat kwam doordat het concentratiekamp een verzamelplaats was geworden voor alle ontruimde kampen.

Na de oorlog

Op 17 april 1945 werd Grese samen met andere SS'ers gevangengenomen in het kamp Bergen-Belsen. Ze moest meehelpen de doden te begraven en op 17 mei werd ze in een cellencomplex opgesloten afwachtend op haar berechting.

Made with Adobe Slate

Make your words and images move.

Get Slate

Report Abuse

If you feel that this video content violates the Adobe Terms of Use, you may report this content by filling out this quick form.

To report a Copyright Violation, please follow Section 17 in the Terms of Use.